Recente publicaties

 

nieuw artikel

2005-07-01

8. Minderheden hebben te winnen bij Europa.

(Uit: RoodWester, blad van PvdA-afdeling Westerpark, jrg. 3 nr. 3 (Juli 2005) 
 
Een gesprek met Joke Swiebel 
 
MINDERHEDEN HEBBEN TE WINNEN BIJ EUROPA 
 
Stierengevechten en ganzenlevers r eizend eparlementsleden tussen Brussel en Straatsburg, bureaucratie. Van alles werd aangehaald tegen de Europese Grondwet. Hoe kon het zover komen in Nederland? En hoe nu verder? We vroegen het oud EU-parlementslid Joke Swiebel 
 
Door Frank Kuipers en Marieke Kroneman 
 
“Ik ben vóór de Europese Grondwet, maar ik was tegen het referendum. .Ik vond het een slecht middel. Ik ben voorstander van de vertegenwoordigende democratie. Mensen hebben niet gestemd over de Grondwet maar een emotioneel signaal willen afgeven. De politici die hebben besloten over dit onderwerp een referendum te houden, zijn in hun eigen zwaard gevallen.” 
Zo luidt het oordeel van Joke Swiebel over het Nee van de kiezers over die Europese Grondwet. Van 1999 tot 2004 was Swiebel (63) voor de PvdA lid van het Europese Parlement. In haar woning op de Silodam spraken we met haar over de Europese politiek, rechten van minderheden en hoe nu verder na het referendum. 
 
Joke Swiebel beschrijft zichzelf als een “oorlogskindje uit een sociaal-democratisch nest”. In 1941 geboren, groeide zij op in Den Haag. In de jaren dertig zat aar grootvader daar voor de SDAP in de gemeenteraad . Haar vader bracht het tot lid van Provinciale Staten voor de PvdA. Na een studie politicologie en werk aan de Universiteit van Amsterdam werd zij in 1977 specialist op het gebied van emancipatiebeleid. Ten tijde van het kabinet Den Uyl was ze staflid van de Emancipatie Kommissie. Daarna werkte ze in die hoedanigheid als ambtenaar op het toenmalige ministerie van CRM en later op het ministerie van Sociale Zaken, bezig met internationaal emancipatiebeleid. Ze vertegenwoordigde Nederland in allerlei commissies en op een reeks internationale bijeenkomsten. Een hoogtepunt voor haar was daarbij in 1995 de vierde Wereldvrouwenconferentie van de Verenigde Naties in Beijing.  
Daarna was ze toe aan een nieuwe wending in haar loopbaan. Een advertentie van de PvdA in 1998 bood daartoe de gelegenheid. De commissie Dunning zocht nieuwe kandidaten voor het Europese Parlement.  
Swiebel: “Ik was geen partijtijger en heb nooit krantjes rondgebracht. Ik ben vooral om mijn internationale ervaring uitgekozen. Ik was geen actief afdelingslid; mijn verdiensten voor de PvdA lagen meer in advies- en commissiewerk..” 
Met ruim 12.000 voorkeurstemmen werd ze gekozen in het Europese Parlement, waar ze woordvoerder voor mensenrechten, asiel, migratie, politie en justitie werd. Ze nam de portefeuilles van Hedy d’Ancona over. Ze wijst op grote stapels papier in haar woning die nog uit die tijd stammen. “Hedy was niet zo van de computer”.  
Swiebel benadrukt het belang van de grotere rol die de Europese Unie op het gebied van justitie en mensenrechten heeft gekregen. Vrouwen, onderdrukte en achtergestelde minderheden zoals de Roma, hebben daar veel bij te winnen. Zo verbiedt een Europese richtlijn uit 2000 discriminatie op de arbeidsmarkt op grond van godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd en seksuele gerichtheid, terwijl op basis van een andere richtlijn rassendiscriminatie over de gehele linie verboden is.Non-discriminatie is hierdoor veel meer op de politieke agenda gekomen, vooral in de landen die onlangs tot de EU zijn toegetreden. Landen die toch discriminatie op hun bodem toelaten kunnen voor het Europese Hof worden gedaagd. Morele maar ook financiële sancties kunnen worden opgelegd. 
Swiebel was in de jaren zeventig actief in de homobeweging , onder meer als lid van het hoofdbestuur van het COC. Op basis van die ervaring werd ze al snel gevraagd voorzitter te worden van een groep van parlementsleden en -medewerkers die meer rechten voor homo’s en lesbo’s bepleitten. “ Het werd me echter wel duidelijk dat het behartigen van homobelangen in Europa veel moeilijker ligt dan in Nederland. Ook bij collega’s in het Europees Parlement. Sommigen vonden het niet in de haak dat ik woordvoerder was op justitiegebied en ook voorzitter van de Intergroup of Gay and Lesbian Rights”, er was ook wel tegenwerking, ook binnen de socialistische groep.De inspanningen van de Intergroep hebben wel tot gevolg gehad dat de toetredende landen allerlei discriminerende bepalingen voor homoseksuelen uit hun wetgeving moesten schrappen om toegelaten te worden tot de Europese Unie. 
 
 
kostbaar 
Swiebel betreurt het dat de Europese Grondwet op dood spoor lijkt te zijn gekomen. De grondwet zou de bevoegdheden van het Europese Parlement hebben versterkt en de EU democratischer hebben gemaakt, vooral op de beleidsterreinen waarop zij zich heeft ingezet. Wat tot nu toe bereikt is moet in ieder geval behouden blijven. Want een Europese samenwerking die zich beperkt tot alleen vrijhandel tussen de lidstaten, is volgens haar een slechte keus. “Er is nu al veel samenwerking op andere dan het economische terrein. Samenwerking alleen op economisch terrein betekent een achteruitgang op bijvoorbeeld sociaal terrein. Zonder Europees beleid zou bijvoorbeeld een in Nederland volledig geïntegreerde Antilliaan die in Polen wil werken toch gediscrimineerd kunnen worden zonder dat de Europese Unie halt kan roepen.” 
“Ik verwacht dat de regeringsleiders de vernieuwingen die in de grondwet staan, in stukken zullen hakken en via afzonderlijke verdragen geleidelijk zullen invoeren. De overeenkomst die is bereikt is te kostbaar om helemaal weg te gooien.” 
Swiebel kan slecht uit de voeten met het referendum. “Er is niet voor niets een Tweede Kamer gekozen. Zoals Bolkestein eens heeft gezegd: ‘Als je een hond hebt moet je niet zelf blaffen.’ Dat de Kamer iets anders vindt dan een meerderheid van de bevolking, komt wel vaker voor. Denk aan de doodstraf. Soms moet de Kamer leiderschap tonen. Bovendien is het onduidelijk in welke politieke richting je de uitslag moeten interpreteren. Bij een referendum over IJburg of de Noord-Zuidlijn ken je de gevolgen van de uitslag. Nu niet. Bij de grondwet ging het om een baaierd aan technische onderwerpen.” 
Swiebel erkent dat Europa veel gedetailleerde regelgeving heeft opgeleverd; bijvoorbeeld op milieugebied, maar ook wel op sociaal terrein en arbeidsomstandigheden. Veel minder op het terrein van justitie. “Het Europese Parlement bemoeit zich zeer gedetailleerd met de regelgeving. Er worden soms resoluties besproken waarop vierhonderd amendementen komen, ook als het onderwerp niet zo controversieel is. Dat komt omdat het parlement zich als hoogste gezag wil laten gelden en de Europese Commissie heel precies aan het lijntje wil hoiden.. Dat zou kunnen veranderen als de Commissie door het parlement zou worden gekozen. Dan is er meer vertrouwen en worden de lijnen helderder. Maar dat zit er voorlopig niet in.” 
Voorafgaand aan het referendum zijn uiteenlopende minpunten van de Unie, zoals het geldverkwistende heen en weer reizen door de parlementsleden tussen Brussel en Straatsburg van stal gehaald. Na een korte uiteenzetting door Swiebel waarom dit symbolisch toch van waarde is, werpt ze tegen: “Maar het Europese landbouwbeleid dat is pas geldverspilling! Dat gaat om veel grotere bedragen. Het is bovendien onrechtvaardig omdat het eerlijke handel met ontwikkelingslanden in de weg staat.” De afschaffing daarvan hangt vooral af van Frankrijk. Daarvoor is een gezaghebbende regeringsleider nodig die minder afhankelijk is van de steun van conservatieve kiezers - iemand anders dan Chirac - die durft te pleiten voor verandering. 
Swiebel ziet binnen afzienbare tijd geen Verenigde Staten van Europa in het verschiet liggen. De culturele verschillen tussen de landen zijn daarvoor te groot. “Ik krijg geen tranen in mijn ogen van de Europese hymne en Europa als zodanig is niet mijn ideaal. Het is vooral belangrijk of progressieven of conservatieven het voor het zeggen hebben in Europa. En landen binnen de Unie voeren geen oorlog meer én de welvaart heeft zich enorm ontwikkeld. Dat hebben we aan ‘Europa’ te danken en daar moeten we op voortbouwen.” 
 
Frank Kuijpers en Marieke Kroneman 
 

 

Eerder verschenen publicaties