The fight against discrimination continues...
4 november 2003


(Voor Ned. versie klik hier)  

 
PUBLIC HEARING 11 NOVEMBER 2003 

 
On Tuesday 11 November 2003, the European Parliament’s Intergroup for Gay and Lesbian Rights will hold a one-day public hearing, titled Sexual Orientation Discrimination: The Employment Framework Directive and Beyond. Ministers and officials from the member states, MEPs and representatives from EU institutions, experts and NGO's will come together to compare notes on what has been accomplished and on what still has to be done, and all to prevent that the fight against sexual orientation discrimination will be swept under the carpet.
 
Already in the early eighties of the last century, the issue of discrimination of gays and lesbians was raised in the European Parliament, but it took until the Amsterdam Treaty (1997) before it became a suitable case for treatment by EU action. The inclusion of the term “sexual orientation” in article 13 TEC put this issue at the same level as other forms of unequal treatment and by implication gay and lesbian rights had reached the EU human rights agenda. That was an enormous achievement, given the - often religiously inspired- resistance in many EU member states.
 
In November 2000, the Council adopted the framework directive for equal treatment in employment and occupation, seeking to combat discrimination on the grounds of religion or belief, disability, age and sexual orientation. EU member states have to implement this directive by 2 December 2003 and the future EU member states before accession on 1 May, 2004. The swift adoption of this Directive, only very shortly after its being proposed by the Commission in November 1999, was mainly caused by the bandwagon effect of the directive against race discrimination, adopted in June 2000, and by the political embarrassment provoked by the entry into the Austrian government of Jorg Haider’s Freedom Party earlier that year. EU institutions felt obliged to prove that they had taken a firm stand against discrimination and xenophobia. So, when I am counting my blessings now, inevitably there is some cynicism in it.
 
Of course, this is not to say the full and timely implementation of both directives should not be taken seriously. I am glad Commissioner Anna Diamantopoulou has already made clear that the Commission is closely following the transposition of the two Directives by the members states and intends fully to use its powers to call an erratic or unwilling member state to order.
 
As long as homosexuality still meets such strong moral and social taboos, and as long as some politicians in fact do oppose that gay and lesbian rights become human rights in reality, it cannot do any harm to highlight sexual orientation discrimination. In a recent study written for the European Commission, researchers conclude that in the accession states sexual orientation discrimination has proven the most controversial ground. I think that in the existing member states this will not be different. The fight against sexual orientation discrimination still is a subject at the margin of EU law, which gets more lip-service than real political support. It is necessary for policy-makers better to understand the implications of recent EU legislation. Member states cannot play the ostrich and refuse to include sexual orientation discrimination in their new legislation, as Malta, Latvia and Slovakia have done. In addition, national legislation must comprise clear definitions of direct and indirect discrimination and harassment, and must also ban any instruction to discriminate. Legislation has to protect gays and lesbians from discrimination at the workplace, including at vocational training, and must spell out the exceptions that are permitted and non-permitted. Legislation has to cover enforcement and remedies and must make clear what member states intend to do to disseminate information on the new provisions and to promote a dialogue with the NGO’s concerned.
 
See for the latest programme: 
http://www.gayandlesbianrightsintergroup.org/news.php

 

 
De strijd gaat voort... 
OPENBARE HOORZITTING 11 NOVEMBER 2003
 
De Intergroup organiseert op 11 november a.s. in Brussel (Europees Parlement) een hearing. Deze hearing brengt politici en ambtenaren uit de oude en nieuwe lidstaten, vertegenwoordigers van Europese instellingen samen met gelijke behandelingsdeskundigen en afgevaardigden uit de homobeweging uit vrijwel alle 25 oude en nieuwe EU-landen. Dit alles met één doel: zorgen dat sexual orientation discrimination serieus wordt genomen als onderdeel van de mensenrechtenagenda van de Europese Unie.
 
Controle en verantwoording zijn hoofdtaken van ieder Parlement. Maar vaak leggen die het af tegen -in de ogen van politici - flitsender bezigheden. De Intergroup for Gay and Lesbian Rights houdt een openbare hearing om een bijdrage te leveren aan deze controlefunctie van het Europees Parlement. In november 2000 heeft de Raad van Ministers een richtlijn aangenomen ter bestrijding van discriminatie op grond van godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd en seksuele gerichtheid. De EU-lidstaten moeten deze richtlijn in beginsel op 2 december a.s. hebben omgezet in nationale wetgeving; de toetredingslanden moeten dat hebben gedaan op het moment dat de toetreding daadwerkelijk ingaat, dus op 1 mei 2004.
 
Van de genoemde discriminatie-aspecten is de strijd voor gelijke rechten van homoseksuele mannen en lesbische vrouwen altijd nog het meest politiek gevoelig. Deze zaak stuit nog steeds op heftige politieke en morele taboes en krijgt veel tegenwerking. Uit een recente studie (Equality, Diversity and Enlargement, door Mark Bell e.a., Luxemburg 2003) blijkt dat deze discriminatiegrond bij de implementatie van bovengenoemde richtlijn in de toetredingslanden het meest controversiëel is - en dat zal in de huidige EU-lidstaten niet veel anders zijn.
 
De overheden in de lidstaten mogen echter niet de kop in het zand steken en zomaar weigeren om de discriminatiegrond sexual orientation in hun wetgeving op te nemen, zoals Letland, Slowakije en Malta dat geweigerd hebben. 
De wetgeving moet bovendien duidelijke definities van directe en van indirecte discriminatie bevatten en intimidatie en het aanzetten tot discriminatie verbieden. De wetgeving moet helder aangeven waar deze definities en verboden gelden (op de arbeidsmarkt en bij de beroepsopleiding) en toegestane uitzonderingen precies omschrijven. 

Lidstaten moeten ook duidelijk maken wat ze gaan doen om de nieuwe wetgeving te handhaven en hoe ze informatie zullen verspreiden om betrokkenen op hun rechten te wijzen. Saai, technisch, te gedetailleerd? Niet voor wie zich realiseert dat een goed functionerende anti-discriminatiewet voor daadwerkelijke emancipatie en integratie onmisbaar is, en voor wie weet dat veel lidstaten hiermee pas over de brug komen als de EU dat van hen vraagt.  
 
Zie voor het laatste programma: 
http://www.gayandlesbianrightsintergroup.org/news.php

 
 

terug