Rapport Swiebel aanvaard door Commissie Vrijheden en Rechten van de Burger
3 december 2002


Vanmiddag heeft de Commissie Vrijheden en Rechten van de Burger met 25 tegen 20 stemmen en 2 onthoudingen mijn rapport aanvaard over de toestand van de mensenrechten in de landen van de Europese Unie in 2001. Hoofdpunten uit het rapport betreffen wantoestanden in gevangenissen en op politiebureaus, voortwoekerende discriminatie en vreemdelingenhaat en een ontoereikende rechtsgang, waardoor de rechten van de verdachte vaak niet goed beschermd zijn. Ook komen zaken als de persvrijheid en de gebrekkige handhaving van sociale rechten uitgebreid aan de orde.
 
Grondtoon van het rapport is dat de Europese Unie een consequent en samenhangend mensenrechtenbeleid moet voeren. De EU moet voor zichzelf en voor de lidstaten precies dezelfde maatstaven aanleggen als voor de toetredingslanden en voor de rest van de wereld. Het opgeheven vingertje naar anderen is pas geloofwaardig als ook ons eigen huis op orde is.
 
Vele aanbevelingen tot verbeteringen worden aan de lidstaten gericht, soms aan alle landen, maar vaak aan enkele landen in het bijzonder. Zo worden bijvoorbeeld Finland en Griekenland opgeroepen de regeling voor gewetensbezwaarden bij de militaire dienst te verbeteren. Nederland wordt aangesproken omdat daar nog steeds een politieke partij bestaat (de SGP) waar geen vrouwen lid van kunnen zijn; ook moet het laatste restje vrouwendiscriminatie uit het naamrecht worden gehaald, zo stelt het aangenomen rapport.
 
Nieuw is dat het rapport onomwonden uitspreekt dat de lidstaten worden "uitgenodigd" het huwelijk open te stellen voor personen van hetzelfde geslacht. Vorig jaar werd een soortgelijke paragraaf nog verworpen. Het zal spannend worden om te zien of deze - voor het Europees Parlement nogal prikkelende - uitspraak in de eindstemming in de Plenaire (straks in januari) ook overeind blijft.

terug