Brussel biedt betere bescherming seksediscriminatie op de arbeidsmarkt
8 mei 2002



 
8 mei 2002 

 
Het Europees Parlement stemt 11 juni as. in de Plenaire Vergadering te Brussel over de goedkeuring van een tekst inzake gelijke behandeling. Gedurende twee jaar is er tussen de Europese instellingen onderhandeld over een herziening van een richtlijn uit 1976 inzake de tenuitvoerlegging van het beginsel van gelijke behandeling van vrouwen en mannen bij de toegang tot arbeid en op de werkvloer (Richtlijn 76/207/EEG, PB L 039 van 14.02.76, p. 40-42). In de verschillende stadia was ik daar vanuit de EP-Commissie Rechten van de Vrouw actief bij betrokken. Op 18 april jl., ťťn dag voor het aflopen van de conciliatie-periode waarin een akkoord bereikt diende te worden, is men het eindelijk eens geworden. Wat verandert er nu in concreto?  

Om te beginnen is er een definitie tot stand gebracht die vastlegt dat intimidatie op grond van het geslacht, alsmede seksuele intimidatie, een vorm is van discriminatie. Door het opnemen van deze definitie is seksuele intimidatie voor het eerst als onwettig erkend in geheel Europa. Niet gek, indien men bedenkt dat uit recent onderzoek van de Europese Commissie gebleken is dat 40 tot 50 % van de vrouwelijke en 10 % van de mannelijke werknemers in Europa op de een of andere manier lijdt onder seksuele intimidatie. Bovendien zijn er nu aangescherpte definities van directe en indirecte discriminatie, welke in overeenstemming zijn met reeds bestaande anti-discriminatiewetgeving.
 
Een ander novum is dat werkgevers verplicht zijn maatregelen te nemen om alle vormen van discriminatie, in het bijzonder seksuele intimidatie, te voorkomen. Gaat het toch mis, dan is het aan de werkgever om te bewijzen dat hij al het mogelijke heeft gedaan. Daarnaast moeten de lidstaten de werkgevers aanmoedigen om de gelijke behandeling van vrouwen en mannen op de werkplek planmatig en systematisch te bevorderen. Daartoe dienen de werkgevers regelmatig adequate informatie te verstrekken aan de werknemers en/of hun vertegenwoordigers.
 
De lidstaten moeten er voor zorgen dat de schade, geleden door een persoon als gevolg van discriminatie, reŽel en effectief gecompenseerd of gerepareerd kan worden. Deze schade mag niet tot een vooraf bepaald maximumbedrag gelimiteerd worden, hetgeen betekent dat rechters meer ruimte krijgen om financiŽle genoegdoening toe te kennen aan slachtoffers.  

Geconcludeerd kan worden dat de rechtsbescherming tegen seksediscriminatie op de werkvloer aanzienlijk verbeterd is en dat het in de praktijk eenvoudiger wordt voor slachtoffers van intimidatie om genoegdoening te krijgen voor de geleden schade. De Raad dient de tekst, evenals het EP nog goed te keuren binnen de gestelde termijn, dan is er geen belemmering meer om de nieuwe richtlijn vanaf 2005 van kracht te laten worden.  

Het document met de tussen de EU-instellingen overeengekomen tekst vindt u op de website van het Europees Parlement http://www.europarl.eu.int, onder plenaire vergaderingen - gemeenschappelijke teksten goedgekeurd door bemiddelingscomitť - 2e document 
 

terug